Berggorilla’s nog 720

Berggorilla’s nog 720

Het WNF en National Geographic Channel zetten alles op alles om de mensapen te redden. Wie ooit in de ogen van een berggorilla keek, weet waarom. Een verslag uit Rwanda.

Zelf deze dieren in het wild zien? Bekijk de reizen waar je gorilla's kan gaan ontmoeten>>

De sterke, muskusachtige geur is het eerste wat de nabijheid van de berggorilla’s verraadt. Een onbekende en tegelijkertijd zeer vertrouwde geur. Net zoals de ontmoeting met de berggorilla’s een totaal nieuwe ervaring zal zijn en tegelijkertijd een soort van thuiskomen in een ver verleden. Maar dat besef is er pas een paar uur later, als we de vulkaan Sabynyo weer zijn afgedaald na de ontmoeting met de berggorillafamilie die de Hirwa-groep wordt genoemd. Het was de ultieme beloning voor een klimpartij van ruim twee uur op een glibberig, steil pad tussen hoogopgroeiende brandnetels en stijve bamboestengels. Af en toe klinkt de schelle roep van een gouden meerkat die verscholen is in het dichte groen. De gids wijst op een paar gleuven in de zachte klei. Het zijn de knokkelafdrukken van een gorilla die hier kortgeleden is gepasseerd.


ZEVEN METER
Vanochtend vroeg vertrokken zeven groepen toeristen de bergen in aan de Rwandese kant van het Virunga National Park. Het park is onderdeel van het Virungamassief, waar de laatste 720 berggorilla’s op aarde leven. Zeven gehabitueerde gorillagroepen - wilde gorilla’s die aan mensen gewend zijn - worden hier dagelijks bezocht door groepen van maximaal acht personen. Tot op zeven meter mogen de gorilla’s worden benaderd, verder niet, voornamelijk om overbrenging van luchtweginfecties van mens op gorilla te voorkomen. En niet omdat er iets te vrezen is van deze grootste, maar ook zachtaardigste onder de mensapen. De twee gewapende soldaten die met elke groep meelopen, zijn er dan ook niet voor de gorilla’s, maar om op te treden bij een eventuele ontmoeting met stropers. Ook al is die kans hier miniem. Mede dankzij de antistroperspatrouilles, die gefinancierd worden door het Wereld Natuur Fonds, zijn in het Rwandese deel van het Virungapark sinds 2002 geen stropers meer gesignaleerd.

DIAN FOSSEY
In het Kongolese deel van het Virungapark, waar nog steeds rebellen actief zijn, werden in juli 2007 zeven berggorilla’s in koelen bloede doodgeschoten. Vermoedelijk door rebellen, want stropers zouden handen en hoofd hebben afgehakt om te verkopen. De foto waarop treurende dorpelingen de 225 kilo zware zilverrug Senkwekwe, leider van de Rugendo-familie op een baar van stokken wegdragen, schokte de wereld. Leidende zilverruggen zijn zonder uitzondering bereid hun leven te geven voor hun familie. De beroemdste zilverrug die dat deed is ongetwijfeld Digit, de favoriete gorilla van de legendarische berggorillaonderzoekster en –beschermster Dian Fossey. Gefinancierd door de National Geographic Society woonde en werkte ze bijna twintig jaar op een van de vulkaanhellingen in dit gebied. Tot ze in 1985 zelf werd vermoord, vermoedelijk door de stropers die ze zo fanatiek bestreed. Fossey liet de wereld via documentaires en artikelen voor National Geographic zien dat deze zogenaamde monsters onvoorstelbaar prachtige en goedaardige dieren zijn. Het door haar opgerichte Gorilla Fund heeft inmiddels gezelschap gekregen van tal van andere organisaties, waaronder het Wereld Natuur Fonds. In de voetsporen van Dian Fossey wordt nog steeds keihard gewerkt aan het voortbestaan van de berggorilla’s op aarde.

HOOP VOOR DE TOEKOMST
In het Rwandese deel van het Virungapark kunnen per dag 56 mensen voor 500 dollar per persoon de gorilla’s bezoeken. En omdat de gorillabezoekers ook op andere manieren geld in het laatje brengen, zijn de berggorilla’s een belangrijke inkomstenbron voor het land. Natuur- en welzijnsorganisaties hebben rond het Virungapark tal van projecten opgezet waarvan zowel gorilla’s als mensen profiteren. Rwandezen worden opgeleid om in hun eigen dorp projecten te managen. Inkomsten van de eco-lodges komen ten goede aan de dorpsgemeenschap. Wie zijn honingkasten uit het park haalt en daarbuiten stationeert, krijgt als dank daarvoor moderne apparatuur om mee te werken. Souvenirs in de vorm van gorillabeeldjes en vlechtwerk worden gemaakt en verkocht. Want wie geld verdient, hoeft niet te stropen en wie beseft dat de kip op de berg gouden eieren legt, zal hem niet slachten. Zo ver is Rwanda al, dat verbazingwekkende land, waar na de gruwelen van de genocide in 1994 vergelding door vergeving is vervangen en waar ondanks de diepe mentale littekens hoop 6 is op een goede toekomst. Samen met de berggorilla’s, die volgens de laatste tellingen zelfs iets in aantal zijn toegenomen.

HOUTKAP
Maar aan de Kongolese kant van het Virungapark wordt op grote schaal illegaal brandhout gekapt en houtskool geproduceerd, waardoor al een kwart van de oude hardhoutbomen uit het zuidelijke deel van het park zijn verdwenen. Extra patrouilles en projecten, zoals die in Rwanda, zijn hier hard nodig nu de politieke situatie zich lijkt te stabiliseren. En niet alleen hier, want habitatverlies is voor alle mensapen op de wereld de grootste bedreiging. In de afgelopen halve eeuw is hun aantal gehalveerd. Nog steeds wordt in razend tempo oerbos illegaal gekapt en verwerkt om als planken, kozijnen en tuintuinmeubilair verkocht te worden. Zeker ook in Nederland. Terwijl het FSC-keurmerk duidelijk aangeeft welk hout de aarde níet van haar laatste paradijzen berooft.

BAMBOESCHEUTEN
In een van die laatste paradijzen klimt een groep hijgende bezoekers naar de 3000-metergrens als plotseling een eerste zwarte gedaante achter een rij bamboestengels voorbij rent. Tien stappen verder doemt achter een bamboebosje de machtige zilveren rug van Muninya op. De leider van de uit een man, zes vrouwtjes en vijf jongen bestaande Hirwa-groep, eet rustig van zijn bamboescheuten. Muninya weet precies wat zich achter zijn rug afspeelt, zo wordt al snel duidelijk. Wanneer een van de spelende kleintjes te dichtbij de bezoekers komt, draait Muninya zich langzaam om en richt hij zijn gigantische lichaam op handen en voeten op. Maar zodra er weer een paar meter afstand is, eet pappa gerustgesteld verder. Nog geen half uur later geeft Muninya mij zijn grootste geschenk. Heel even laat hij zijn blik de mijne kruisen en neemt hij me mee naar een ver, gemeenschappelijk verleden. Een verleden waarin we allebei kind waren in het paradijs waarvan de laatste restanten nog steeds gered kunnen worden. Er is nog hoop.

Zelf deze dieren in het wild zien? Bekijk de reizen waar je gorilla's kan gaan ontmoeten>>